Spaarloon- en levensloopregeling

Spaarvormen verdwijnen grotendeels bij invoering vitaliteitsregeling


Vooruitlopend op de invoering van de vitaliteitsregeling in 2013, houden in 2012 de spaarloon- en levensloopregeling al (grotendeels) op te bestaan. De spaarloonregeling verdwijnt helemaal. Voor een bepaalde groep levensloopspaarders, bestaat de mogelijkheid om de regeling voort te zetten.

Spaarloon
Het spaarloon valt vrij op 1 januari 2012. Vanaf dat moment is het niet meer mogelijk om geld in te leggen.

Je kunt het geld  

  • In één keer opnemen of overboeken
  • Laten staan en dan geldt de systematiek zoals deze er altijd was en wordt het bedrag in een periode van vier jaar elk jaar deels uitgekeerd. (Het saldo van het eerste spaarjaar valt in het vijfde jaar vrij, het saldo van het tweede spaarjaar valt in het zesde jaar vrij, etc.). Eind 2015 zou dan al het geld uitgekeerd moeten zijn.

Levensloop
De levensloopregeling zoals deze er nu is, houddt op te bestaan. Er zijn 3 mogelijkheden voor deelnemers aan de levensloopregeling

  1. Doorsparen
    Werknemers die reeds 3000 euro of meer gespaard hebben, kunnen doorsparen. Er is echter één belangrijke wijziging. Je bouwt geen levensloopkorting meer op van 201 euro per gespaard jaar.  De reeds opgebouwde korting kan nog wel worden ingezet. Over het na 2012 gespaarde bedrag, moet je bij opname het volledige bedrag belasting betalen.
  2. Overzetten naar Vitaliteitsregeling
    Het levensloopsaldo kan, onbelast, worden overgeschreven naar de Vitaliteitsregeling.
  3. Opnemen
    Saldo uit de levensloopregeling dat niet wordt overgemaakt naar de vitaliteitsregeling, komt op 31 december 2013 vrij. En wordt in één keer op de loonstrook bijgeschreven.  Belast als loon.

 

 

deze pagina delen