Soorten contracten

Contracten voor bepaalde of onbepaalde tijd


Er kunnen verschillende contracten worden afgesloten.

  • Arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd (‘een vast contract’)
    Bij een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd wordt geen vaste periode afgesproken. Deze overeenkomst stopt als één van beide partijen opzegt. Voor het opzeggen van de arbeidsovereenkomst gelden vaste regels. Bijvoorbeeld een opzegtermijn en – voor de werkgever – het aanvragen van een ontslagvergunning.  

    Pas als de werkgever een ontslagvergunning heeft, kan de arbeidsovereenkomst worden opgezegd. Daarbij moet de werkgever de opzegtermijn in acht nemen.

  • Arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd (‘een tijdelijk contract’)
    Bij een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd staat de einddatum vast of is het duidelijk wanneer het eindmoment is. Er kan bijvoorbeeld een contract afgesloten worden voor zes maanden. De einddatum is dan vast.

    Ook kan een arbeidsovereenkomst voor worden afgesproken voor een bepaald project of voor de vervanging van een collega die afwezig is in verband met zwangerschap en bevalling.

    Omdat deze overeenkomst automatisch eindigt, hoeven werkgever en werknemer de overeenkomst niet met een opzegtermijn op te zeggen. Tussentijds opzeggen mag alleen als dit van tevoren schriftelijk is overeenkomen. Dan geldt wel een opzegtermijn.

Het is mogelijk om een tijdelijk contract meerdere malen te verlengen. Dit mag niet onbeperkt. Een tijdelijk contract wordt een vast contract als:

    • werkgever en werknemer meer dan drie arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd achter elkaar (of met onderbrekingen van drie maanden of korter) sluiten. De vierde overeenkomst is automatisch een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd.
    • de totale duur van de opeenvolgende arbeidsovereenkomsten langer dan drie jaar is. Zodra de periode van drie jaar wordt overschreden, gaat de overeenkomst automatisch over in een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd. Onderbrekingen van drie maanden of korter tellen mee in de berekening van de periode van drie jaar.  Alleen als er een onderbreking van drie maanden of langer is geweest, moet de telling van drie jaar opnieuw beginnen.
      In een cao kan van bovenstaande afspraken worden afgeweken.

      NB: IN het kader van de maatregelen die getroffen zijn om de economische crisis te bestrijden, is het in de periode van 1 juli 2010 tot 1 januari 2012 tijdelijk mogelijk dat vaker (4 keer) en langer (4 jaar) opeenvolgende arbeidsovereenkomsten worden afgesloten voor jongeren tot 27 jaar. Deze maatregel wordt momenteel geëvalueerd.
  • Arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd langer dan drie jaar
    De duur van één arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd is niet aan een maximum gebonden. De arbeidsovereenkomst mag dus langer duren dan drie jaar. 
    Het kan bijvoorbeeld voorkomen dat iemand voor drie jaar of langer aangenomen is voor een bepaald project. De arbeidsovereenkomst loopt dan pas af, wanneer het project is afgerond.

deze pagina delen