Reactie CNV op regeerakkoord

18-10-2017

Word nu lid!

Meld je aan bij CNV en profiteer van alle voordelen.

Word lid

Op 10 oktober presenteerden VVD, CDA, D66 en de ChristenUnie het nieuwe regeerakkoord ‘Vertrouwen in de Toekomst’. Met dit stuk geeft het CNV een eerste reactie op de plannen van de nieuwe regering specifiek op het terrein van werk en inkomen.

In algemene zin merkt het CNV op dat dit regeerakkoord tegemoet komt op een aantal punten die soms al heel lang op de verlanglijst van het CNV staan.  

Er zijn ook onderwerpen die de nieuwe regering geheel laat liggen of waar het nieuwe kabinet zelfs kiest voor concrete verslechteringen voor werknemers. De politiek laat zo voor heel veel mensen de onzekerheid die ze ervaren voortbestaan. Dit is teleurstellend.

Zekerheid begint wat betreft het CNV op de arbeidsmarkt. Door meer zekerheid over werk leg je het benodigde fundament waardoor mensen de toekomst écht met vertrouwen tegemoet kunnen zien. Een lastenverlichting voor middengroepen zorgt weliswaar voor benodigde lucht in de portemonnee, maar lost de structurele onzekerheid niet op. Meer en zekerder banen moet de inzet zijn. Dat is goed voor iedereen in Nederland.

Arbeidsmarkt

Het kabinet wil iets doen aan de onzekerheid op de arbeidsmarkt en de doorgeschoten flex. Het CNV herkent zich in deze woorden van het kabinet om het perspectief op een vaste baan te vergroten. Maar, kijkend naar de concrete maatregelen is het CNV bezorgd dat de problemen op de arbeidsmarkt niet écht aangepakt worden. Sommige maatregelen zijn positief voor werkgevers, andere voor werknemers, waarbij de maatregelen die negatief zijn voor werknemers al concreet benoemd staan, terwijl de maatregelen die positief zijn benoemd dikwijls nog weinig concreet zijn. 

Positief en al wel concreet voor werknemers is bijvoorbeeld dat werknemers vanaf dag 1 recht hebben op een transitievergoeding. Positief is ook dat de nieuwe regering ruimte biedt voor uitbreiding van adoptieverlof en vaderschapsverlof.

Ook is het CNV positief over een individuele leerrekening voor werknemers – iets waar we als vakbond al een tijdlang voor pleiten. De invulling daarvan is echter nog helemaal niet duidelijk. Juist om van de leerrekening een succes te maken is het essentieel dat vakbonden een rol krijgen in het beheer en de uitvoering van de leerrekening. Want daardoor kan er ook gewerkt worden aan het creëren van de noodzakelijke positieve leercultuur. Het CNV heeft hier goede ervaringen mee. Voor het CNV is de succesvolle invoering van de leerrekening, en daarmee de eigen regie van werknemers over hun loopbaan, essentieel voor een arbeidsmarkt waarin werknemers gezond en met plezier hun werkende leven kunnen doorlopen tot aan hun pensioen.

Ook bij enkele andere positieve maatregelen – zoals het beperken van payroll en nuluren-contracten en het (beperkt) duurder maken van flexwerk door middel van hogere premies – is de formulering vaag. Het kabinet erkent daarmee weliswaar waar de problemen zitten, maar de vraag is wat per saldo het effect van deze voornemens zal zijn.

Bezorgd is het CNV over een flink aantal andere maatregelen. Het wordt voor werkgevers bijvoorbeeld gemakkelijker om werknemers te ontslaan, ze mogen meer scholingskosten aftrekken van de transitievergoeding en werknemers blijven langer in onzekerheid bij een nieuwe werkgever. Een voorbeeld is de proeftijd die wordt verlengd, soms zelfs naar 5 maanden. Een werkgever moet na 2 maanden proeftijd echt wel kunnen weten of zijn nieuwe medewerker voldoet of niet. Ook kunnen werkgevers weer langer tijdelijke contracten geven, namelijk 3 jaar lang in plaats van 2. Bijvoorbeeld voor jonge werknemers neemt hiermee de onzekerheid eerder toe dan af. 

Het voornemen om regels rondom ontslag en de transitievergoeding aan te passen vindt het CNV soms goed, maar de meeste onderdelen niet. Zo is het CNV tegenstander van de verlaging van de transitievergoeding bij lange dienstverbanden. 

Ook de invoering van de zogenoemde cumulatieve ontslaggrond die het kabinet voorstelt is een slecht voorstel. In het huidige ontslagrecht moet een werkgever zorgvuldig een dossier hebben opgebouwd voordat een rechter akkoord gaat met een ontslagaanvraag. Met die voorgestelde cumulatieve ontslaggrond kan een werkgever simpel een paar feiten op een rij zetten en dat als reden van ontslag opgeven. De maximale ontslag vergoeding van een half maandsalaris per gewerkt jaar die daar tegenover staat is wat het CNV betreft veel te laag. 

Werknemers volgens een flexibel contract inhuren blijft nog altijd veel goedkoper en aantrekkelijker dan het aannemen voor onbepaalde tijd. Dit heeft tot gevolg dat de onzekerheid bij werknemers blijft toenemen. Van een betere balans tussen vast en flex is met dit akkoord dan ook geen sprake. Wat betreft de zzp’ers maakt het kabinet ook niet de juiste keuzes. Weliswaar wordt er een bodem in de tarieven van zzp’ers gelegd, maar voor het creëren van een gelijk speelveld, waar het CNV voor pleit, is de bodem te laag. Daarvoor zou het wettelijk gezien mogelijk moeten worden gemaakt dat er in cao’s afspraken worden gemaakt over het tarief van zzp’ers die tenminste gelijk moeten zijn aan de loonkosten van werknemers. Daarnaast vindt het CNV dat ook zpp’ers het recht hebben om goed verzekerd te zijn tegen arbeidsongeschiktheid en een pensioen op te bouwen. Gezondheid en een goede oude dag zijn zo belangrijk dat werkenden er onderling niet met elkaar op zouden moeten concurreren. Ook zou er fiscaal voor zzp’ers en werknemers een gelijk speelveld moeten zijn. Dat alles is in de plannen van het nieuwe kabinet nog steeds niet het geval, dit beschouwt het CNV als een gemiste kans.

Tenslotte is er te weinig aandacht voor enkele grote ontwikkelingen op de arbeidsmarkt. Beroepen en sectoren veranderen en door grote transities zoals robotisering en digitalisering staan ondanks de aantrekkende werkgelegenheid, toch veel banen en beroepen onder druk. Aan dit onderwerp wordt nauwelijks of geen aandacht besteed. Ook de mismatch op de arbeidsmarkt, waarbij sommige sectoren met groeiende personeelstekorten kampen, krijgt weinig aandacht. Het CNV is van mening dat, in die sectoren die te kampen hebben met deze tekorten bijvoorbeeld de bouwsector, de installatiesector, zorg en onderwijs op dit vlak meer geïnvesteerd moet worden.    

Kortom, het kabinet komt niet met fundamentele oplossingen voor de actuele vraagstukken op de arbeidsmarkt. We blijven daarmee in een situatie waarbij werkgevers nog altijd op zoek kunnen gaan naar de goedkoopste oplossing en waarbij de risico’s in toenemende mate bij de werknemers worden neergelegd.

Inkomensverdeling

De nieuwe regering zet in op koopkrachtverbetering voor de middengroepen. Het CNV omarmt deze keuze. Het is inderdaad zo dat deze groep werkenden de butsen heeft opgelopen in de voorbije crisisjaren. Hoog tijd dus dat zij erop vooruit gaan.

Tegelijkertijd mogen we onze ogen nooit sluiten voor de kwetsbare groepen. Wat het CNV betreft zou er daarom meer aandacht moeten zijn voor uitkeringsgerechtigden, ( bijvoorbeeld mensen een WGA/WIA-uitkering) en gepensioneerden.

Het CNV is niet blij met de plannen om het lage btw-tarief op te hogen van 6 naar 9 procent. Vooral omdat deze btw-verhoging te grofmazig is. Een echte consumptiebelasting moet je groener aankleden. Vervuilende of milieubelastende producten kun je door een hogere prijs onaantrekkelijker maken. Daarvan profiteert het milieu en dus ons klimaat op langere termijn. Het maakt burgers bovendien veel bewuster van hun eigen footprint in onze gemeenschappelijke leefwereld.

Het voorstel voor btw-verhoging zorgt er voor dat de werkgelegenheid in sommige sectoren onder druk komt te staan. Dan gaat het bijvoorbeeld om beroepen in de ‘ambachtseconomie’ zoals kappers of schoen- en kleermakers. Beroepen waarin juist veel mensen werken. Door dit voorstel neemt juist in deze beroepen de onzekerheid toe. Dat moet anders. Het behoud van werkgelegenheid is voor het CNV van groot belang.

Pensioenen en AOW

Het wordt steeds duidelijker dat steeds meer werknemers door de stijgende pensioenleeftijd, grote moeite hebben gezond hun pensioen te halen. Het CNV vindt dat het tempo waarmee de verhoging nu plaatsvindt te hoog. Het kabinet adresseert dit niet. In het regeerakkoord staan verder te weinig concrete maatregelen die echt verschil kunnen maken voor deze werknemers. 

Het nieuwe kabinet spreekt uit dat er een cultuuromslag nodig is voor ouderen op de arbeidsmarkt. Het CNV is het daarmee eens. Te vaak staan oudere werknemers, die dolgraag weer aan de slag willen, onterecht langs de kant. De overheid kijkt naar sociale partners om in de cao afspraken te maken over duurzame inzetbaarheid, leven lang leren en bijvoorbeeld minder belastend werk. De regering verbindt er consequenties aan als werkgevers en vakbonden het niet naar behoren uitvoeren. Onderhandelen en ideeën uitwerken voor duurzame inzetbaarheid van werknemers is bij uitstek een zaak voor de cao-tafel. Sociale partners kunnen dit echter niet alleen. Daarom roepen wij bijvoorbeeld het kabinet op de fiscale naheffing bij vervroegde pensionering af te schaffen.    

Het CNV mist de afspraak dat zzp’ers ook pensioen gaan opbouwen. Dat is goed voor het pensioenstelsel én goed voor hen zelf. Zo ontstaat er ook een gelijk speelveld met gewone werknemers.

Het kabinet geeft ruimte aan sociale partners om met voorstellen te komen ten aanzien van ons pensioenstelsel. Het is goed dat het kabinet erkent dat pensioenen het domein van sociale partners zijn. Het CNV ziet ook dat voor het draagvlak onder het stelsel aanpassingen nodig zijn. Met behoud van essentiële elementen: solidariteit, collectiviteit en de verplichtstelling. Daarnaast moeten wijzigingen in het stelsel zeer zorgvuldig doorgevoerd worden. Dat is een ingewikkeld traject en kost tijd. Echter, in het regeerakkoord lijkt het nieuwe kabinet te suggereren dat er al een akkoord is in de Sociaal Economische Raad (SER) over een nieuw pensioenstelsel, of dat dat er zeer binnenkort zal liggen. Daarbij worden - simpel gezegd - persoonlijke pensioenpotjes opgebouwd vanuit een collectieve dekking. De partijen in de SER onderzoeken inderdaad de mogelijkheden van een nieuw pensioenstelsel. De gezamenlijke vakbonden hebben echter aangegeven de voorstellen die in de SER worden besproken te willen beoordelen op basis van  berekeningen over de daadwerkelijke effecten voor werknemers in hun pensioen vóórdat een definitieve keuze voor een nieuwe pensioenstelsel wordt gemaakt. Zorgvuldigheid staat immers voorop. Die cijfers over de effecten van een nieuw pensioenstelsel zijn er nu nog niet. Die suggestie dat er een nieuw pensioenstelsel langs de lijnen zoals die in het regeerakkoord staan er sowieso gaat komen is dus voorbarig.

 

 

Geef een reactie

Column voorzitter

Wat zit er in het vat voor werkend Nederland?

Het zijn spannende tijden. Na de presentatie van het regeerakkoord een paar weken geleden, volgde deze week een verhit...

[this div will be converted to an iframe]
×
×
×