Wij maken op deze website gebruik van cookies

Deze website maakt gebruik van cookies. Wanneer u verder op "Ik ga akkoord" klikt geeft u toestemming voor het gebruik van cookies.

Vragen en antwoorden over het principeakkoord pensioenen

07-06-2019

Word lid!

Meld je aan bij het CNV en profiteer van alle voordelen.

Aanmelden

Waarom is het CNV vóór dit pensioenakkoord?
Het CNV is positief gestemd over dit akkoord omdat het betere afspraken bevat dan in november vorig jaar en beter en toekomstbestendiger is in vergelijking met het huidige pensioenstelsel.

- De AOW-leeftijd wordt tot eind 2021 bevroren op 66 jaar en 4 maanden en gaat daarna minder snel stijgen. Dat is goed voor alle werknemers, jong en oud. Want de stijging is de afgelopen jaren te snel gegaan.

- Eerder stoppen met werken is straks weer mogelijk en betaalbaar, maximaal 3 jaar voorafgaand aan de AOW-datum. Want werkgevers en vakbonden kunnen afspraken in de cao maken dat een werkgever meebetaalt aan eerder stoppen met werken zonder dat hij daarvoor een extra belastingaanslag krijgt. 

- De dreiging van kortingen op de pensioenuitkering is verminderd. Het nieuwe pensioenakkoord biedt nieuwe, betere spelregels. Dat is goed voor gepensioneerden en werkenden. Ook is dat goed voor het vertrouwen in het pensioenstelsel. 

- Pensioenfondsen kunnen met dit pensioenakkoord eerder indexeren. De pensioenen kunnen dus weer meebewegen met het prijspeil van de boodschappen. Dat kon de afgelopen jaren niet of veel te weinig. Dat is goed voor gepensioneerden en voor werkenden. 

- Jongeren bouwen straks meer pensioen op. De zogenaamde doorsnee-opbouw wordt afgeschaft. Dat is eerlijker. Zeker als zij in het begin van hun loopbaan fulltime werken en later minder uren werken, of voor zich zelf beginnen.  

- Werknemers ouder dan 35 moeten dan wel worden gecompenseerd in pensioenopbouw, omdat zij straks minder opbouwen. In het akkoord is vastgelegd dat die compensatie goed geregeld moet zijn voordat het afschaffen van de doorsnee-opbouw in de wet komt.

- Het nieuwe pensioenstelsel maakt het nog steeds mogelijk risico’s met elkaar te delen. De kracht van collectief beleggen blijft daardoor bijvoorbeeld behouden.


In november 2018 zijn de onderhandelingen met het kabinet en werkgevers spaak gelopen, omdat de vakbonden het bod van kabinet en werkgevers te mager vonden. Waarom is er nu wel een akkoord?
Het kabinet is ons tegemoet gekomen. We hebben samen met onze leden afgelopen maanden massaal actiegevoerd. Dat heeft resultaat gehad:

- Er is nu een harde afspraak gemaakt om een einde te maken aan de onverantwoorde stijging van de AOW-leeftijd. In november 2018 was het kabinet slechts bereid om een onderzoek te beloven. We hebben als vakbonden bedongen, dat de AOW-leeftijd met 8 maanden stijgt en niet met 12 maanden als de levensverwachting met een jaar toeneemt.

- Er is nu een harde afspraak om vervroegd uittreden weer haalbaar en betaalbaar te maken, maximaal 3 jaar voorafgaand aan de AOW-leeftijd. Vanuit de overheid is hiervoor € 800 miljoen euro beschikbaar in de aankomende jaren. In november vorig jaar was het kabinet daartoe niet bereid. De mogelijkheid om sector- of bedrijfsafspraken te maken over eerder stoppen met werken zijn een grote verbetering in vergelijking met november 2018.

- Er is nu een betere waarborg dat niemand er op achteruit mag gaan door de overgang naar een nieuw stelsel. Bonden, werkgevers en kabinet moeten het eens zijn vóórdat de wetsvoorstellen naar de Tweede Kamer worden gestuurd. Dat betekent dat de wens van het kabinet om de doorsneeopbouw af te schaffen alleen doorgaat als er adequate compensatie komt voor de mensen die daardoor worden getroffen. Deze waarborg wilde het kabinet in november 2018 niet bieden.

- Er is nu gewaarborgd, dat het collectieve karakter van het pensioenstelsel blijft behouden, waardoor we risico’s kunnen blijven delen.

Hoe zit het met de AOW-leeftijd? Wat betekent dat voor mij?
De AOW-leeftijd stijgt de komende jaren eerst niet en daarna minder snel. In 2019, 2020 en 2021 blijft de AOW-leeftijd 66 jaar en 4 maanden. Daarna gaat deze in 2 stappen omhoog tot 67 jaar in 2024.

Hierdoor kunnen werknemers eerder met pensioen, in vergelijk met de huidige afspraken. Zie hieronder het verschil:

Nieuwe pensioenakkoord:                                       oude pensioenstelsel:

2019      66 jaar 4 maanden                                         66 jaar en 4 maanden                                  

2020      66 jaar 4 maanden                                         66 jaar en 8 maanden

2021      66 jaar 4 maanden                                         67 jaar

2022      66 jaar 7 maanden                                         67 jaar en 3 maanden

2023      66 jaar 10 maanden                                       67 jaar en 3 maanden

2024      67 jaar                                                          67 en 3 maanden

Na 2024 stijgt de AOW-leeftijd 8 maanden, als de levensverwachting met 1 jaar stijgt. Dit was 1 op 1.
De stijging van de AOW-leeftijd gaat dus langzamer. En dat is winst voor jonge en oude werknemers, want in 20 jaar tijd gaat de AOW 1 jaar eerder in dan nu.

Het overzicht hieronder laat dat zien:

nieuw 1 jaar = 8 maanden                                          oud 1 jaar = 1 jaar

2025      67                                                                  67 jaar en 3 maanden                  

2026      67                                                                  67 jaar en 6 maanden

2027      67                                                                  67 jaar en 6 maanden                  

2028      67 en 3 maanden                                             67 jaar en 9 maanden

2029      67 en 3 maanden                                             67 jaar en 9 maanden                                  

2030      67 en 3 maanden                                             68 jaar                                 

2031      67 en 6 maanden                                             68 jaar 

2032      67 en 6 maanden                                             68 jaar en 3 maanden                                  

2033      67 en 6 maanden                                             68 jaar en 3 maanden                                  

2034      67 en 9 maanden                                             68 jaar en 6 maanden

2035      67 en 9 maanden                                             68 jaar en 6 maanden                                                  

2036      67 en 9 maanden                                             68 jaar en 6 maanden                                  

2037      67 en 9 maanden                                             68 jaar en 9 maanden                                                  

2038      68                                                                  68 jaar en 9 maanden   

2039      68                                                                  69 jaar                 

2040      68                                                                  69 jaar

(n.b. de levensverwachting kan de komende jaren dus nog veranderen en daarmee dan ook de AOW-leeftijd.)
                                           

Kan er sneller worden geïndexeerd?
Pensioenfondsen kunnen de pensioenen eerder indexeren, omdat ze geen buffers meer hoeven aan te houden boven de 100% dekkingsgraad.
Is er meer pensioenvermogen dan 100%, dan kunnen de opgebouwde pensioenen van werknemers en gepensioneerden worden verhoogd. Nu ligt die grens nog bij 110% of zelfs 130%.

Maar, is er minder pensioenvermogen dan 100%, dan worden de pensioenuitkeringen verlaagd.
Vakbonden hebben dit geaccepteerd omdat pensioenen gemiddeld meer omhoog dan omlaag gaan, op basis van historische rendementen. En dat is beter dan pensioenen die jarenlang niet omhoog gaan. Want daardoor blijft de koopkracht van gepensioneerden achter. En de pensioenopbouw van werkenden blijft achter bij de loonontwikkeling.


Wanneer gaan we over naar het nieuwe stelsel?
Als de leden van de vakbonden CNV en FNV dit pensioenakkoord goedkeuren, gaat het kabinet zo snel mogelijk een wet indienen bij de Tweede Kamer om ervoor te zorgen dat de AOW-leeftijd wordt bevroren op 66 jaar en 4 maanden. Dat kan dus snel gebeuren. De overige veranderingen in het pensioenstelsel kosten meer tijd. Voor het vormgeven van het nieuwe pensioenstelsel wordt een stuurgroep in het leven geroepen. In de stuurgroep hebben overheid, werkgevers en vakbonden een beslissende stem. Er gaat geen wetgeving naar de Tweede Kamer voordat de vakbonden goedkeuring hebben gegeven op het voorstel. De planning is vervolgens dat het dan twee jaar gaat duren om de goedkeuring van het parlement te krijgen op de wetgeving die nodig is. Met de daadwerkelijke overgang naar het nieuwe stelsel wordt in 2022 begonnen.

Zijn de kortingen op pensioenuitkeringen voorkomen?
De meeste wel. Bij meerdere pensioenfondsen dreigden kortingen omdat hun dekkingsgraad, inclusief verplichte buffers, te laag is. Die kortingen zouden dan in 2020 of 2021 al worden doorgevoerd. Die buffers verdwijnen en de dekkingsgraad is gesteld op 100%.

Zit een pensioenfonds nu tussen de 100% en 104,5%, dan hoeft dit fonds de pensioenen niet te korten. De kortingen op pensioen zijn niet voor alle fondsen te voorkomen, maar zijn wel beperkt.

Eerder kunnen stoppen met werken. Hoe gaat dat straks?
Werkgever en vakbonden kunnen in cao's afspraken maken, dat de werkgever oudere werknemers een regeling aanbiedt om (gedeeltelijk) eerder te kunnen stoppen met werken. Hiervoor is ook overheidsgeld beschikbaar, € 800 miljoen in de aankomende jaren. De werkgever hoeft over de eerste € 19.000 (bruto per jaar) aanvulling geen fiscale boete te betalen.

Eerder stoppen volgens de hierboven beschreven afspraak kan maximaal 3 jaar voor AOW-datum.

Is de aanvulling méér of langer, dan moet de werkgever over het meerdere wel de boete betalen.

Als je eerder wil stoppen met werken kun je jouw pensioenuitkering naar voren halen, ook naar een moment dat voor de AOW-leeftijd ligt. En kun je maximaal 100 werkweken (ruim 2 jaar dus) verlof opnemen voorafgaand aan de pensionering. Dat was 50 weken.

Zo ontstaan meer mogelijkheden, zeker voor lagere inkomens, om eerder te kunnen stoppen met werken. Voorwaarde is wel dat dit in de cao is afgesproken met werkgevers.

Welke rekenrente gaat gelden voor de dekkingsgraad?
Dat is nog niet bekend. De zogenoemde Commissie Parameters brengt half juni haar advies uit over de rekenrente voor het huidige (!) pensioenstelsel. De verwachting is dat de rekenrente eerder omlaag, dan omhoog gaat gezien de huidige rentes in de markt. De rekenrente is belangrijk voor de dekkingsgraad van pensioenfondsen.

Tegelijk met het pensioenakkoord is afgesproken dat het mogelijk is om opnieuw naar die rekenrente te kijken. Er liggen nu immers ook andere afspraken in dat nieuwe pensioenakkoord.

Is dit pensioenakkoord goed voor jongeren?
Ja, dit pensioenakkoord is goed voor jongeren. Want door het afschaffen van de doorsnee-opbouw gaan jongeren dezelfde premie betalen als ouderen. Voorheen betaalden jongeren relatief meer, en ouderen relatief minder.

Dit maakt dat je als jongere deelnemer een grotere (eigen) pot met pensioengeld mee neemt naar een eventueel nieuwe werkgever.

Het loslaten van de lijnrechte 1 op 1-koppeling van AOW aan levensverwachting is ook gunstig voor jongeren. Hun AOW-leeftijd schuift niet langer 1 jaar op als de levensverwachting met 1 jaar stijgt, maar nog maar 8 maanden. Je kunt dus eerder stoppen met werken en gebruik maken van de AOW.

Wat winnen zzp’ers?
Er komt een verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zzp’ers. Hiervoor pleiten de vakbonden al langere tijd. Het kan niet zo zijn dat de meerderheid van de één miljoen zzp’ers in dit land onverzekerd zijn bij arbeidsongeschiktheid.

Een verplichte pensioenopbouw voor zzp’ers is niet gelukt. Dit was wel een nadrukkelijke wens van de bonden. Hiervoor was helaas geen draagvlak bij regering en werkgevers. Wel wordt de mogelijkheid onderzocht om vrijwillige pensioenopbouw voor zzp’ers mogelijk te maken.

Hebben we alles gekregen wat we wilden?
Nee, het blijft een compromis waarbij iedereen – overheid, werkgevers en vakbonden – concessies heeft moeten doen. Tegelijkertijd zijn we zeer tevreden over dit akkoord: de AOW-leeftijd stijgt minder snel, er is snellere indexatie mogelijk en de vakbonden hebben een beslissende stem in het nieuwe pensioenstelsel. Een verplicht pensioen voor zzp’ers komt er niet. Daar staat wel een verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zzp’ers tegenover.

Al met al zijn we zeer tevreden over dit resultaat. We hebben hier hard voor geknokt en leggen we dit ook met vertrouwen en een positief advies aan onze leden voor.

Op welke manier raadplegen het CNV zijn leden over dit akkoord?
Van 10 t/m 14 juni vindt er een ledenraadpleging plaats. Alle CNV-leden kunnen online hun stem uitbrengen en aangeven of ze voor of tegen het akkoord zijn. Het CNV adviseert hierin positief.

Daarnaast vinden er volgende week vier ledenbijeenkomsten in het land plaats: Drachten (11 juni), Utrecht (12 juni), Dordrecht (13 juni) en Eindhoven (14 juni) en Dordrecht. Op al deze bijeenkomsten licht voorzitter Arend van Wijngaarden het akkoord toe en beantwoordt vragen van leden.

Leden kunnen uiterlijk tot 14 juni 23.59 uur hun stem uitbrengen. Het Algemeen Bestuur van het CNV neemt na de stemming een definitief besluit over het pensioenakkoord.

Geef een reactie

Column

CNV bepleit onvoorwaardelijke Anw-uitkering van 3 jaar

Een onvoorwaardelijke Anw-uitkering van 1200 euro per maand, 3 jaar lang, voor iedereen die in Nederland zijn partner...

[this div will be converted to an iframe]
×
×
×