Wij maken op deze website gebruik van cookies

Deze website maakt gebruik van cookies. Wanneer u verder op "Ik ga akkoord" klikt geeft u toestemming voor het gebruik van cookies.

Zwangerschapsverlof

Zwangere werkneemsters hebben recht op zestien weken verlof

Word nu lid!

Meld je aan bij CNV en profiteer van alle voordelen.

Word lid

Zwangere werkneemsters hebben recht op zestien weken zwangerschaps- en bevallingsverlof. Wanneer het zwangerschapsverlof ingaat, is afhankelijk van de vermoedelijke datum van bevalling.

Je bent pas wettelijk beschermd tijdens de zwangerschap wanneer je je werkgever hebt verteld dat je zwanger bent. Je bent verplicht om je werkgever uiterlijk drie maanden voor de uitgerekende datum te vertellen dat je zwanger bent. Je moet de werkgever bijtijds, maar uiterlijk drie weken van tevoren, laten weten wanneer je met zwangerschapsverlof gaat. Hiervoor heb je een verklaring nodig van de verloskundige of arts waarin de uitgerekende datum staat. Je werkgever geeft deze dan aan de uitkeringsinstantie. De werkgever kan zwangerschaps- en bevallingsverlof niet weigeren.

Wanneer je (tijdelijk) geen werkgever hebt en een uitkering ontvangt voor werkloosheid, ziekte of arbeidsongeschiktheid heb je ook recht op zwangerschaps- en bevallingsverlof. Deze vraag je aan bij het UWV. Ook vrouwelijke zelfstandig ondernemers en meewerkende echtgenotes van zzp’ers hebben recht op zwangerschaps- en bevallingsverlof.

Lees hieronder meer over:

 

 

 

Opnemen van zwangerschapsverlof en bevallingsverlof

Vanaf zes weken voor de uitgerekende datum kan je zwangerschapsverlof opnemen. Vier weken voor de uitgerekende datum ben je verplicht om zwangerschapsverlof op te nemen. Wanneer je vier weken zwangerschapsverlof hebt opgenomen, dan heb je twaalf weken bevallingsverlof. Hoe lang het verlof in de praktijk duurt, is afhankelijk van de datum waarop de baby daadwerkelijk wordt geboren. In totaal is het aantal weken verlof in ieder geval nooit minder dan zestien weken. Als de baby later wordt geboren dan verwacht, heb je na de bevalling altijd recht op minimaal tien weken bevallingsverlof. Het totaal aantal weken verlof kan hierdoor iets boven de zestien weken verlof uitkomen. Wanneer de baby eerder wordt geboren dan de uitgerekende datum wordt de resterende tijd zwangerschapsverlof omgezet in bevallingsverlof; in totaal heb je dan dus zestien weken verlof. Ook wanneer je zwanger bent van een meerling is het recht op zwangerschapsverlof en bevallingsverlof in totaal minstens zestien weken. Het verlof geldt niet per kind.

Het is mogelijk om het zwangerschapsverlof op te delen, dit kan vanaf zes weken na ingang van het bevallingsverlof. Het opdelen van het verlof moet uiterlijk drie weken na ingang van het bevallingsverlof worden aangevraagd. Het verlof moet worden opgenomen binnen dertig weken na de dag waarop het verlof is aangevangen.

Gevolgen van zwangerschapsverlof voor loon en vakantiedagen

Tijdens de verlofperiode krijg je een uitkering van het UWV. Deze is even hoog als je loon (met een maximum dagloon). Wanneer je meer verdient dan dit maximumbedrag, daalt je inkomen tijdens de verlofperiode. Je hebt tijdens de verlofperiode geen recht op zaken als een overwerkvergoeding.

Tijdens je zwangerschaps- en bevallingsverlof bouw je gewoon vakantiedagen op. De werkgever mag je niet vragen om je verlofperiode te compenseren met vakantiedagen. Wanneer je verlofperiode samen valt met een collectieve vakantie van je bedrijf of sector (zoals de bouwvakantie of vakanties in het onderwijs), moet je aan je werkgever vragen wat de regelingen hiervoor zijn. In de wet is hiervoor niks geregeld.

Zwangerschapsverlof en ziekte

Wanneer je zwanger bent en ziek wordt kan dit gevolgen hebben voor de afspraken die je met je werkgever hebt gemaakt over het zwangerschaps- en bevallingsverlof. 

Als je van plan was om door te werken tot vier weken voor de uitgerekende datum en het lukt toch niet, dan mag je alsnog vijf of zes weken van te voren stoppen. Dit gaat dan wel van het bevallingsverlof af (maar je hebt wel recht op minimaal tien weken bevallingsverlof).

Als je ziek wordt voor het zwangerschapsverlof ingaat, en de ziekte komt door de zwangerschap, dan heb je recht op ziekengeld. Je krijgt dan het volledige loon. Dit geldt ook als je hierdoor minder gaat werken dan het normale aantal uren. Ook wanneer je na de bevalling ziek wordt als gevolg van de zwangerschap heb je recht op ziekengeld dat gelijk staat aan de hoogte van je salaris.

Als je ziek wordt voor het zwangerschapsverlof ingaat, maar de ziekte komt niet door de zwangerschap, dan gelden de normale regels. De werkgever moet in ieder geval 70 procent van het loon doorbetalen. Het kan ook zijn dat in de cao staat dat bij ziekte 100 procent van het loon wordt betaald.

Zwanger en ontslag

Een werkgever kan je niet ontslaan omdat je zwanger bent. Ook tijdens de verlofperiode én de eerste zes weken na het bevallingsverlof mag je niet worden ontslagen. Alleen in speciale gevallen (zoals een grote reorganisatie) is ontslag mogelijk tijdens je zwangerschap. Wanneer een tijdelijk contract afloopt tijdens zwangerschap, dan hoeft je werkgever dit niet te verlengen. Je zwangerschap mag echter nooit de reden zijn. In de praktijk komt het echter wel vaak voor. Dit noemen we zwangerschapsdiscriminatie. Heb je het vermoeden dat je bent ontslagen of is je contract niet verlengd vanwege je zwangerschap neem dan contact op met het CNV.

Ben je aan het solliciteren? Je bent niet verplicht om tijdens een sollicitatiegesprek te vertellen dat je zwanger bent.

Geboorteverlof voor partner

Als je vrouw of vriendin net bevallen is, heb je als partner recht op kraamverlof. Dit verlof bestaat uit twee werkdagen die je binnen vier weken na de bevalling moet opnemen. Je werkgever mag het kraamverlof niet weigeren. Tijdens het kraamverlof krijg je gewoon doorbetaald, en de verlofdagen gaan ook niet van je vakantiedagen af. Om bij de bevalling zelf aanwezig te zijn en om aangifte van de geboorte van je kind te doen bij de burgerlijke stand hoef je geen kraamverlof op te nemen. Hiervoor kan je calamiteitenverlof opnemen.

In het regeerakkoord is afgesproken dat het kraamverlof voor de partner wordt uitgebreid. Partners krijgen daardoor recht op één werkweek verlof met loondoorbetaling en aanvullend vijf werkweken verlof bekostigd uit de premies voor 70% van het dagloon. De eerste week verlof moet binnen 4 weken na bevalling worden opgenomen. Pas als deze week is opgenomen ontstaat er een recht op aanvullend vijf werkweken verlof. Deze vijf werkweken moeten binnen zes maanden na bevalling zijn opgenomen.

Het CNV vindt dit voorstel een mooie eerste stap maar pleit ervoor het verlof voor partners te verlengen naar 16 weken zodat de verlofperiode voor moeder en partner hetzelfde is rond de geboorte van een kind.  Door deze tijdsduur gelijk te trekken vergroot dit de kansen van vrouwen op de arbeidsmarkt, het zorgt voor een betere rolverdeling tussen partners en door de grotere betrokkenheid van de partner wordt de emotionele en intellectuele ontwikkeling van het kind gestimuleerd.

Tijdens je zwangerschap en de periode tot zes maanden na de bevalling

Tijdens je zwangerschap en de periode dat je borstvoeding geeft, moet je werkgever ervoor zorgen dat je veilig en gezond kunt werken. Waar mogelijk blijf je je eigen werk doen, anders kunnen de werkzaamheden of werktijden worden aangepast. Op de volgende zaken heb je recht, maar overleg wel altijd met je werkgever: 

  • extra pauzes (maximaal 1/8 deel van je werktijd);
  • een geschikte, afsluitbare ruimte om te rusten (met bed of rustbank);
  • geen onregelmatig werk, overwerk en nachtdiensten;
  • noodzakelijk zwangerschapsonderzoek als dat onder werktijd plaats moet vinden. Je loon wordt doorbetaald voor de duur van het zwangerschapsonderzoek en de reistijd.

Je hebt hier tot zes maanden na de bevalling recht op (met uitzondering van de onderzoeken). 

Voeden en kolven tijdens het werk

Je hebt voedingsrecht tot je baby 9 maanden is. Dat betekent dat je maximaal een kwart van je werktijd mag besteden aan het voeden van je baby of het kolven. Je krijgt deze tijd gewoon doorbetaald en hoeft er geen pauzes voor op te geven. Na 9 maanden moet je nog steeds de mogelijkheid krijgen om te voeden of te kolven. Je krijgt de tijd daarvoor echter niet meer vergoed door je werkgever. Je zou dan in je pauzes kunnen voeden of kolven of in overleg met je werkgever compenseren door langer door te werken.

Je werkgever is wettelijk verplicht om te zorgen voor een geschikte kolfruimte. Je mag verwachten dat deze ruimte:
-       van binnenuit op slot kan
-       privacy biedt
-       niet te koud of te warm is
-       geen gevaarlijke stoffen bevat
-       bij voorkeur een koelkastje en een fontein heeft

Column voorzitter

Drijfzand



Met Prinsjesdag en de Algemene politieke beschouwingen achter ons, kunnen we de volgende conclusie wel trekken: de...

Contact met het CNV

 

De medewerkers van CNV Info zijn op werkdagen van 8.00 tot 18.00 uur telefonisch bereikbaar via 030 751 1001 en van 8.00 tot 22.00 uur via de chat.

Chat offline

De chat is momenteel offline

[this div will be converted to an iframe]
×
×
×