‘Waar ik van schrok is dat het zo ontzettend dichtbij komt’, zegt Jan Cevaal (links op de foto). Hij werkt als beroepschauffeur bij Schenk Tanktransport en rijdt regelmatig naar het buitenland. ‘Als je die beelden ziet, voel je je zo machteloos. Ik ben vrachtwagenchauffeur en ik wist meteen dat ik daar tijd in wilde steken.’ Voor zijn collega Roy Vonk (op de foto rechts) gold hetzelfde. ‘Ik sprak Jan en we wisten gelijk wat ons te doen stond: hulpgoederen die kant op brengen.’
Ui en dekens
Via stichtingen en hun eigen inzamelingsactie verzamelden ze tonnen aan aardappelen en uien en allerlei hulpgoederen als paracetamol, luiers, blikken soep, ibuprofen en dekens. Ze vroegen hun werkgever en het CNV om steun en kregen die. Schenk stelde tot twee keer toe een truck, diesel en tolgeld ter beschikking, het CNV zorgde voor onkostenvergoeding, vakbondsverlof en zette een succesvolle doneeractie op. De trailers werden verzorgd door Rijnberg transportservice in Terneuzen en Loonbedrijf Dieleman in Zaamslag.
Bijzondere rit
Inmiddels zijn de CNV-leden al twee keer in hun eigen tijd op en neer gereden. Met name de eerste rit was voor beide chauffeurs een bijzondere. Roy: ‘Ik rij regelmatig naar Polen. Op zich niks nieuws. Maar nu zagen we nog veel meer vrachtwagens met hulpgoederen die kant op gaan. En ook honderden particulieren in volgeladen busjes en personenauto’s. We hoorden zelfs dat er een konvooi met 25 Ierse vrachtwagens onderweg was. Het maakte het voor ons wel bijzonder’.
Spannend
Het liefst waren beide chauffeurs met hun hulpgoederen Oekraïne in gereden om ter plekke in Lviv te lossen. De verzekering stond dat niet toe, daarom kregen ze voor hun eerste rit twee los-adressen in Jaroslav en Medyka in Polen, vlakbij de grens. Jan: ‘Je rijdt richting een oorlogsgebied en dat is best spannend. Onderweg praat je er ook met elkaar over; wat gaan we straks tegenkomen?’
Opvangkamp
In het Poolse stadje Przemsyl bleek dat een opvangkamp voor Oekraïense vluchtelingen te zijn. Ze zagen tenten en mensen die rondliepen als zombies. ‘Ze hadden lege blikken in hun ogen’, vertelt Jan. ‘De een droeg een tasje, de ander een huisdier. Ik kan me niet voorstellen hoe het voelt als je ineens je huis moet achterlaten en moet vluchten. Dat raakte me wel.’