Overzicht CNV voorzitters

Oud CNV-voorzitters

Word nu lid!

Meld je aan bij CNV en profiteer van alle voordelen.

Word lid

Vanaf de oprichting zijn er 16 CNV-voorzitters geweest. Waaronder de eerste vrouwelijke vakcentrale voorzitter Josine Westerbeek-Huitink. Op dit moment is Maurice Limmen voorzitter van het CNV. Hij volgde Jaap Smit op, per 1 januari 2014.

Jaap Smit (2010 - 2013)

  • Jaap Smit

Jaap Smit (geboren in 1957) was tussen 1 juni 2010 en 31 december 2013 voorzitter van CNV Vakcentrale. Na zijn benoeming op 10 mei 2010 zei Smit: ,,Ik vind het uitdagend om mee te denken met en te bouwen aan een toekomstbestendig CNV. Ik geloof in organisaties als het CNV, die een belangrijke rol spelen in het maatschappelijk middenveld. Het CNV behartigt de rechten van het individuele lid, maar werkt ook voor het collectief – dat is medebepalend voor de samenleving van vandaag en morgen.’’

Smit studeerde aan de Rijksuniversiteiten van Leiden en Utrecht en behaalde daar zijn doctoraalexamen Theologie en Massacommunicatie en PR. Hij werkte negen jaar als predikant in enkele gemeenten en vier jaar als geestelijk verzorger voor de Koninklijke Landmacht in Seedorf. Voor hij bij het CNV kwam werkte Smit als algemeen directeur van Slachtofferhulp Nederland. Eerder al was hij werkzaam voor de adviesbureaus KPMG en Andersson Elffers Felix. Smit is getrouwd en heeft twee kinderen.

Vanaf 1 januari 2014 is Jaap Smit Commissaris van de Koning in de provincie Zuid-Holland. 

Bert van Boggelen (voorzitter 2009-2010)

  • Bert van Boggelen

René Paas verlaat op 1 september 2009 de CNV Vakcentrale. Hij wordt opgevolgd door vice-voorzitter Bert van Boggelen. Van Boggelen (geboren in 1961) is sinds het najaar van 1999 lid van het Dagelijks Bestuur van de vakcentrale. Tot begin 2009 was hij als algemeen secretaris verantwoordelijk voor de werkorganisatie en gaf hij leiding van het CNV als vereniging van verenigingen. 

René Paas (voorzitter 2005-2009)

  • René Paas

René Paas (geboren in 1966) is de eerste CNV-voorzitter, die geen vakbondsloopbaan achter de rug heeft als hij in 2005 voorzitter wordt (hij is lid van CNV Publieke Zaak). Paas wordt bij zijn aantreden geconfronteerd met het ontslagdossier. Beeldbepalende onderwerpen waaraan hij bijdraagt zijn AOW, de WW en het ontslagrecht. Belangrijke CNV-thema’s, waaraan hij gezicht geeft zijn Plezier in Werk en Privé en Werk. Onder Paas groeit het ledental en is er veel aandacht voor dienstverlening aan leden. Op 1 september 2009 verlaat Paas het CNV en gaat aan de slag als voorzitter van Divosa, de vereniging van directeuren van gemeentelijke sociale diensten. 

Josine Westerbeek-Huitink (voorzitter 2005)

  • Josine Westerbeek-Huitink

Als Doekle Terpstra het CNV in het voorjaar van 2005 verlaat, wordt hij opgevolgd door Josine Westerbeek-Huitink, die sinds 2002 vice-voorzitter is. Westerbeek-Huitink (geboren in 1960) is daarmee de eerste vrouwelijke vakcentrale voorzitter in ons land. 

Na haar studie Levensmiddelentechnologie aan de Wageningse Landbouw Hogeschool, treedt zij in 1986 in dienst van de CNV Vakcentrale als medewerker technologiebeleid. Vanaf het eind van de jaren ’80 raakt zij meer en meer betrokken bij het arbeidsmarktbeleid van het CNV. In 1995 verlaat zij hij CNV en gaat zij als projectmanager bij Randstad Uitzendbureaus werken. In de zomer van 1998 keert zij terug naar het CNV en wordt bestuurlijk verantwoordelijk voor de sociale zekerheid. Vanuit die verantwoordelijkheid is zij nauw betrokken bij de grote veranderingen in de WAO en de WW. Op 1 september 2005 verlaat zij het CNV om directeur bij Wilde Ganzen te worden.

Doekle Terpstra (voorzitter 1998-2005)

  • Doekle Terpstra

Doekle Terpstra, geboren in 1956, wordt na het behalen van zijn diploma van de Sociale Academie in Kampen direct bestuurder bij de Industriebond CNV. Hij is werkzaam in Rotterdam en omgeving, waar hij het handwerk van vakbondsbestuurder leert. Hij wordt lid van het hoofdbestuur van zijn bond, vervolgens voorzitter. In 1998 wordt hij de eerste parttimebestuurder van de Vakcentrale door het bondsvoorzitterschap te combineren met de arbeidsvoorwaardencoördinatie op landelijk niveau. Eind 1998 wordt hij voorzitter van de vakcentrale. Hij wordt na 2002 geconfronteerd met de gevolgen van de economische teruggang en met kabinetsmaatregelen, die gericht zijn op het opvangen van de gevolgen van de vergrijzing. Samen met FNV-voorzitter Lodewijk de Waal geeft Terpstra leiding aan het maatschappelijk verzet dat op 2 oktober 2004 uitmondt in de grootste vakbondsdemonstratie in de geschiedenis van ons land.

Anton Westerlaken (voorzitter 1992-1998)

  • Anton Westerlaken

Anton Westerlaken, geboren in 1955, is politieagent in Rotterdam als hij benoemd wordt tot de bestuurder van de ACP waar hij op dat moment al lid van is. In 1986 wordt hij lid van het CNV-bestuur, waar hij eerst verantwoordelijk is voor medezeggenschap en later voor de arbeidsvoorwaarden-ontwikkeling. De zeer bevlogen Westerlaken – hij loopt regelmatig voor ‘de troepen uit’ probeert het CNV te reorganiseren en aan te passen aan de moderne tijd. Hij reorganiseert de regionale CNV-organisatie. Maakt naam het het plan-Westerlaken, probeert loonmatiging te koppelen aan maatschappelijke doelen en milieubeleid.  Eind 1998 neemt hij afscheid om zijn loopbaan te vervolgen in de wereld van de gezondheidszorg.

Henk Hofstede (voorzitter 1986-1992)

  • Henk Hofstede

Henk Hofstede, geboren in 1937, begint zijn beroepsleven als los-arbeider in de land- en tuinbouw. Hofstede is lid van de Chr. Bond van Werknemers (sters) Voedings-, Agrarische, Recreatie, Genotsmiddelen en Tabaksverwerkende Bedrijven.Hij werkt zich door zelfstudie op tot vakbondsbestuurder en in 1973 wordt hij lid van het CNV-bestuur. Hofstede zet zich daar in voor de ontwikkeling van vakorganisaties in de Derde Wereld en hij houdt zich binnen de landsgrenzen bezig met gelijke behandeling van ‘gastarbeiders’. In 1986 volgt hij Van der Meulen op – minder bevlogen, minder charismatisch, maar met het vermogen tegenstellingen binnen het CNV te overbruggen.

Harm van der Meulen (voorzitter 1978-1986)

  • Harm van der Meulen

Harm van der Meulen (1925-2007) doet ervaring op in een lange vakbondscarrière. Hij begint als kaderlid in Doetichem, wordt bondsbestuurder en hoofdbestuurder van de CMB (Christelijke Metaalsbewerkersbond). In 1973 wordt hij lid van het Verbondsbestuur, waar hij tot zijn vooriztterschap verantwoordelijk is voor het loonbeleid. Hij wordt CNV-voorzitter in een economisch slechte tijd, waarin vooral de werkgelegenheid en de sociale zekerheid onder druk staan. Van der Meulen groeit uit tot het zeer herkenbare gezicht van het CNV en ontplooit zich als een fervent verdediger van de rechten van uitkeringsgerechtigden. Na zijn aftreden in 1986 wordt hij lid van de Eerste Kamer, waar hij zich in het verlengde van zijn voorzitterschap bezighoudt met het verdedigen van het stelsel van sociale zekerheid.

Jan Lanser (voorzitter 1969-1978)

  • Jan Lanser

Jan Lanser, geboren in 1926, wordt na een loopbaan binnen de CMB (Christelijke Metaalbewerkersbond) in 1967 lid van het CNV-bestuur. Zijn eerste opdracht is om een visieprogramma voor het CNV op te stellen, waarin het Verbond zijn identiteit vastlegt aan het eind van de woelige jaren ’60. Lanser wordt de man, die leiding moet geven aan het CNV in de tijd van gesprekken over federatieve samenwerking met de twee andere vakcentrales. Die gesprekken lopen in januari 1974 vast als blijkt dat NVV en NKV willen aankoersen op een fusie en het CNV niet verder wil gaan dan federatieve samenwerking. Daarna is het Lansers taak om het CNV zijn gevoel van eigenwaarde te hergeven en het CNV als zelfstandige organisatie herkenbaar te laten zijn. Hij slaagt daar gezien de moeilijke omstandigheden zeker in.

Jan van Eibergen (Voorzitter 1964-1969)

  • Jan van Eibergen

Jan van Eibergen (1906-1987) wordt in 1946 districtbestuurder van de Nederlands Christelijke Bouwarbeidersbond. Hij maakt snel carrière en in 1949 wordt hij voorzitter van zijn bond. In 1956 slaagt hij er de Nederlandse Hout- en meubelbewerkersbond en de Nederlands Christelijke Bouwbond te fuseren. Van Eibergen is van 1956 tot zijn voorzitterschap van het CNV in 1964, lid van de Tweede Kamer. Eind 1960 brengt hij het kabinet-De Quay ten val als gevolg van een conflict over het aantal te bouwen sociale woningen. Als Van Eibergen CNV-voorzitter wordt, stelt hij feitelijk zijn pensioen met een aantal jaren uit. Hij speelt een rol in de beginnende discussies over nauwe samenwerking tussen de drie vakcentrales (NVV, NKV en CNV).

Cor van Mastrigt (voorzitter 1959-1964)

  • Cor van Mastrigt

Cor van Mastrigt (1909- 1997) ontwikkelt zich van parttime propagandist van de Nederlands Christelijke Landarbeidersbond tot voorzitter van die bond, voordat hij lid wordt van het Verbondsbestuur. Van Mastrigt speelt een belangrijke rol in de uitbouw van het Nederlandse stelsel van sociale zekerheid. In 1956 is hij de eerste CNV-er die gevraagd wordt om minister te worden. Dat ministerschap gaat niet door, maar hij wordt lid van de Tweede Kamer voor de CHU. In 1959 wordt Van Mastrigt CNV-voorzitter. Zijn voorzitterschap wordt getekend door gezondheidsproblemen. In 1963 is Van Mastrigt nauw betrokken bij de loonexplosie, waarover in de Stichting van de Arbeid afspraken worden gemaakt. In 1964 moet hij zijn voorzitterschap neerleggen. Na nog enige tijd in de luwte van het Verbondsbestuur  te hebben gewerkt wordt hij wethouder in Zeist.

Marinus Ruppert (voorzitter 1947-1959)

  • Marinus Ruppert

De charismatische Ruppert (1911-1992), lid van Nederlands Christelijke Landarbeidersbond, maakt snel carrière binnen de Christelijke vakbeweging. Op 29 jarige leeftijd wordt hij in 1940 bondsvoorzitter. Ruppert speelt in de oorlogsjaren een belangrijke rol binnen het ondergrondse CNV. Begin 1945 ontsnapt Ruppert naar het bevrijde zuiden van het land en maakt zich sterk voor de heroprichting van het CNV. In 1947 wordt hij de jongste CNV-voorzitter ooit. Hij streeft er naar de positie van het CNV als christelijk-sociale organisatie uit te bouwen en om betekenisvolle invloed te krijgen op de ARP. Kort na het vijftigjarig jubileum van het CNV in 1959 treedt Ruppert af en wordt hij benoemd tot lid van de Raad van State.

Antoon Stapelkamp (voorzitter 1935-1947)

  • Antoon Stapelkamp

Antoon Stapelkamp (1886-1960), lid van Nederlandsche Bond van Christelijke Fabrieks- en Transportarbeiders, wordt voorzitter tijdens de grote economische crisis van de jaren ’30. Hij probeert een eigen CNV-koers uit te zetten en invloed uit te oefenen op het kabinetsbeleid, waarin bezuinigingen centraal staan. Stapelkamp benadrukt het belang van aandacht voor het werklozenprobleem, ook voor de morele kanten daarvan. Hij deelt weliswaar de hoofdlijn van het beleid van de kabinetten-Colijn, maar is het zelden eens met de concrete maatregelen.

Tijdens de oorlog wordt Stapelkamp geïnterneerd door de Duitsers. Na de oorlog wordt hij opnieuw voorzitter van het CNV tot zijn aftreden in 1947. Na zijn vertrek is hij nog een aantal jaren actief als lid van de ARP-fractie in de Tweede Kamer.

Klaas Kruithof (voorzitter 1916-1935)

  • Klaas Kruithof

Klaas Kruithof (1875-1956), lid van de Christelijke Bond van Sigarenmaker en Tabaksbewerkers, is de eerste werknemer van het CNV. In 1912 treedt hij in dienst, maar wordt al snel lid van het bestuur. In zijn rol van secretaris-penningmeester organiseert hij het CNV en draagt bij aan het tot stand komen van landelijk werkende bonden. Een man met een uitgesproken karakter. Dat kwam het CNV ten goede, maar in relatie met de politiek ondervond het CNV ook de nadelen van het vasthoudende karakter van de langstzittende CNV-voorzitter. De verhoudingen met de ARP, de belangrijkste politieke relatie voor het CNV, zijn slecht en verbeteren nauwelijks onder zijn voorzitterschap.

Hendrik Diemer (voorzitter 1909-1916)

  • Hendrik Diemer

Hendrik Diemer (1879-1966), lid van Christelijke Bond van Bakkersgezellen, verwoordt de grondslag van het CNV: ‘Het Christelijk Nationaal Vakverbond aanvaardt als grondslag de Christelijke beginselen en verwerpt mitsdien de klassenstrijd’. Daarmee eindigt hij een lange discussie over het karakter van de nieuw op te richten vakcentrale, die uit protestants-christelijke en rooms-katholieke bonden gaat bestaan. Tijdens de oprichtingsvergadering op 13 mei 1909 wordt hij tot voorzitter gekozen. In 1915 combineert het voorzitterschap van het CNV met het directeurschap van een drukkerij in Rotterdam. In 1916 verlaat hij het CNV.

Column voorzitter

Wat bedoelt u eigenlijk?

Het regent weer mooie beloften in aanloop naar de verkiezingen. En het is goed om te zien dat flex een belangrijk thema...

Contact met het CNV

 

De medewerkers van CNV Info zijn op werkdagen van 8.00 tot 18.00 uur telefonisch bereikbaar via 030 751 1001 en van 8.00 tot 22.00 uur via de chat.

Chat offline

De chat is momenteel offline

[this div will be converted to an iframe]
×
×
×