Dit betekent dat de werkgever de MR en de GMR voortaan moet raadplegen over alle maatregelen die van wezenlijk belang zijn voor de veiligheid en de gezondheid.
Denk hierbij aan:
- de aanwijzing van bedrijfshulpverleners (BHV'ers);
- de risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E);
- de aanstelling en inzet van deskundigen zoals de preventiemedewerker(s), de arbodienst of bedrijfsarts en overige arbo(kern)deskundigen;
- de aanwijzing van een arbodienst. Welke dienstverlening wordt ingekocht, met welke kwaliteitseisen en bereikbaarheid?;
- de voorlichting van werknemers over werkzaamheden en risico’s.
Er was al sprake van een instemmingsrecht op bovenstaande onderwerpen. Deze wetswijziging versterkt de positie van medezeggenschap, omdat het de mogelijkheid biedt om vanuit de medezeggenschap zelf met voorstellen te komen die betrekking hebben op het gezondheids- en veiligheidsbeleid.