Reorganisaties Philips; Pensioenfonds regelt voortgezette pensioenopbouw

Philips en de vakbonden hebben de afgelopen periode overleg gevoerd over de personele gevolgen van de reorganisaties en de relatie met de pensioentransitie per 1 januari 2027. Daarbij is specifiek gekeken naar de medewerkers die door een reorganisatie vóór de transitiedatum uit dienst treden en hierdoor geen recht krijgen op de eenmalige compensatie afschaffing doorsneepremie vanuit het Philips Pensioenfonds.

Compensatie afschaffing doorsneepremie
Jullie werkgever heeft onderzocht of binnen de wettelijke kaders en praktische uitvoerbaarheid een oplossing mogelijk is voor deze specifieke groep. Dit heeft geleid tot het voornemen om, onder strikte voorwaarden, een tijdelijke regeling aan te bieden. Medewerkers die Philips wegens reorganisatie verlaten tussen 1 april 2026 en 1 januari 2027 kunnen hun pensioenopbouw volledig voor eigen rekening voortzetten tot de transitiedatum.

De regeling geldt alleen als vaststaat dat de medewerker Philips door reorganisatie verlaat en de ontslagdatum bekend is. In alle andere situaties kan geen voortzetting worden aangevraagd.

Voortzetting vindt plaats tegen betaling van de volledige pensioenpremie over de overbruggingsperiode, die mits deze toereikend is, wordt verrekend met de ontslagvergoeding. Deelname kan alleen als er geen andere pensioenopbouw elders plaatsvindt. Eventuele fiscale gevolgen zijn voor rekening van de medewerker.

Uitvoering van de regeling is afhankelijk van de kaders van het Philips Pensioenfonds, waaronder goedkeuring door De Nederlandsche Bank, de financiële positie van het fonds en een formeel besluit van het pensioenfondsbestuur.

Voortgezette pensioenopbouw– dankzij het Pensioenfonds
De vakbonden waarderen dat het pensioenfonds een mogelijkheid tot voortgezette pensioenopbouw introduceert voor medewerkers die door een reorganisatie vóór 1 januari 2027 uit dienst treden. Deze faciliteit kan voorkomen dat deze groep volledig buiten de compensatie voor de afschaffing van de doorsneepremie valt, wat wij als vakbonden een belangrijk aandachtspunt vinden.

De rekening komt bij de werknemers
Tegelijkertijd vinden wij het jammer dat de volledige pensioenpremie — zowel het werknemers- als ook het werkgeversdeel - bij de werknemer wordt neergelegd. Juist voor medewerkers die onvrijwillig moeten vertrekken, betekent dit een financiële last, daar de volledige premie in mindering komt op de ontslagvergoeding. Philips heeft de ontslagvergoeding in het Centraal Sociaal Plan niet opwaarts willen aanpassen. Juridisch is dat overigens ook niet door ons afdwingbaar.

In kaart brengen
Wij adviseren medewerkers daarom dringend om, wanneer zij mogelijk vóór 1 januari 2027 worden ontslagen, goed in kaart te brengen wat het gemis aan pensioencompensatie zou zijn als zij geen gebruik maken van deze voortgezette pensioenopbouw. Het is belangrijk om zorgvuldig af te wegen of de te betalen premie daadwerkelijk opweegt tegen een potentieel gemis aan compensatie bij overgang naar het Philips Pensioenfonds.

Nadere informatie
Voor nadere informatie verwijzen wij naar Philips en het Philips Pensioenfonds.

Namens gezamenlijke bonden;