omgevallen vrachtwagen op zijn kant langs de provinciale weg in de sneeuw

CNV: ruim 4 op de 10 werkenden voelt zich onveilig tijdens reis door de sneeuw

Ruim 4 op de 10 werkenden voelt zich onveilig tijdens het reizen van en naar het werk in deze sneeuwweek. Ruim 1 op de 5 krijgt van de werkgever geen begrip voor de woon-werkreis door de sneeuw heen. Bij tweederde vindt er geen aanpassing aan de werktijden plaats.

Dit blijkt uit CNV-onderzoek onder bijna 2200 werkenden. 60% van de werkenden kan niet thuiswerken en trotseert dus de sneeuw en gladheid om op het werk te komen.

Weinig begrip

‘Werkenden houden Nederland momenteel overeind: in de zorg, de winkels, de garages, de kinderopvang, de logistiek en in het vervoer zorgt iedereen er voor dat alles doordraait. Miljoenen werkenden gaan elke dag op pad, omdat ze geen keus hebben. Het zou fijn zijn als ze zich gesteund voelen door hun werkgever, maar dat is bij veel werkenden helaas niet het geval,’ aldus Piet Fortuin, CNV-voorzitter.

Tweederde: geen aanpassingen op werktijden

Bij 66% zijn er geen aanpassingen gedaan op de werktijden. ‘Een half uurtje eerder weg of later beginnen kan nét het verschil maken tussen veilig en onveilig reizen. De dagen zijn kort en in het donker reizen is gevaarlijker dan met daglicht. We roepen werkgevers op om hierin flexibel te zijn. Zorg, als het even kan, dat mensen tijdens het daglicht reizen.’

Twee keer langer reizen

35% reist deze week een half uur langer dan normaal. 23% doet twee keer zo lang over de reis als normaal en 5% is zelfs drie keer langer onderweg. 31% is flink uitgeput door het reizen in de sneeuw. ‘Ook hier zou het helpen als werktijden aangepast kunnen worden en er meer begrip is vanuit de werkgever.’

Helft thuiswerkers toch naar kantoor

Van de mensen die thuis kunnen werken, gaat 48% alsnog naar kantoor. Fortuin: ‘Opvallend, zeker omdat Rijkswaterstaat een duidelijke oproep doet om thuis te werken. Wij roepen werkenden op om thuis te werken als het werk het toestaat. Je belast de wegen en het OV daarmee minder en baant letterlijk de weg voor de werkenden die wél op locatie moeten werken.’