philip morris kantoor

Acties dreigen bij tabaksfabrikant Philip Morris

Uitkomst ledenvergaderingen: werknemers verwerpen cao-eindbod van directie

Werknemers bij tabaksfabriek Philip Morris in Bergen op Zoom dreigen met acties. 'De uitkomst uit de ledenvergaderingen is heel duidelijk: het cao-eindbod is massaal afgewezen', zegt CNV-onderhandelaar Marjelle Boorsma.

De Brabantse vestiging van Philip Morris telt ongeveer 250 werknemers die onder de cao vallen. Volgens Boorsma bevat het afgewezen cao-eindbod meerdere onderdelen die voor de werknemers onacceptabel zijn. 'Voor een bedrijf met goede winstcijfers is de geboden loonsverhoging van 3% te laag. Die 3% loonsverhoging betalen de werknemers bovendien grotendeels zelf, omdat Philip Morris het individueel keuzebudget wil afschaffen. Het gaat om 500 euro per jaar, waarmee zo'n 1 tot 1,5% aan loonruimte wordt afgepakt. Onbegrijpelijk.'

Winst gaat vooral naar aandeelhouders

Wat de werknemers steekt, is dat de aandeelhouders over hun rug winst willen maken en willen bezuinigen op de locatie in Bergen op Zoom. Grote onvrede is er ook over de administratie, waar werknemers voortdurend tegen een muur aan lopen. Boorsma: 'De administratie is een puinhoop. De urenadministratie uit 2025 is nog niet eens voor iedereen verwerkt. En bij de werknemers die al wel een urenstaat hebben gekregen, klopt deze 9 van de 10 keer niet. Wij kaarten dit al maanden aan, maar concrete afspraken over hoe we die kunnen verbeteren worden aan de kant geschoven.'

Daarnaast is er onenigheid over de zwaarwerkregeling. Boorsma: 'We hebben eerder een duidelijke afspraak gemaakt over een definitieve regeling. Maar in het cao-eindbod staat nu dat die regeling een einddatum heeft, tot eind 2028. Dat is een verslechtering waar we niet mee akkoord gaan.'

Bonden voeren druk op Philip Morris op

Vakbond CNV zal samen met FNV een ultimatum gaan stellen, om de directie van Philip Morris alsnog tot een betere cao te dwingen. De bond wil onder meer:

  • een loonsverhoging van 5% per jaar
  • verhoging van de kilometervergoeding naar het fiscaal maximum (25 cent per km)
  • een structurele zwaarwerkregeling (zonder einddatum)
  • behoud van het individueel keuzebudget