‘Brankele Jankele was het vroeger’, vertelt Brankele met een scheef lachje over haar naam, als ik haar zeg dat ik Brankele associeer met sprankelen. Dat laatste doet ze al jaren, en sinds ze in 2025 De Slimste Mens won, is ze enorm druk: podcasts, lezingen, columns, boeken. Ze komt uit een kunstzinnig, creatief, warm nest, met een jongere broer, een pianist als moeder en een toneelregisseur als vader.
Geen aansluiting
‘Mijn basisschooltijd was niet zo leuk’, vertelt Brankele. ‘Ik vond geen aansluiting: ik was van het leren, andere kinderen van het spelen. Ik was vooral aan het observeren. Daar is de interesse in de werking van hersenen begonnen. Als je glimlacht naar een ander kind, ben je dan vrienden? Of prikken ze daar doorheen? Op welke knopjes moet je drukken om welke gedrag uit te lokken?’ Ze ging psychobiologie studeren. ‘Het was een anticlimax toen ik ontdekte dat tweederde van de studenten uitgeloot was voor geneeskunde en dáárom deze studie deed. Ze waren niet net zo benieuwd als ik waarom mensen zo verschillend zijn terwijl ze opgebouwd zijn uit dezelfde atomen. Totaal niet gemotiveerd!’ Pas in haar bijbaan bij filmtheater Kriterion vond ze gelijkgestemden. Na haar bachelor deed ze 2 masters, een in Londen en een in Parijs.
Adhd en stress
Brankele gaf een tijdje les aan de Universiteit van Amsterdam en probeerde daarnaast de wetenschapsjournalistiek in te gaan. ‘Maar dat freelancen en opdrachten pitchen was niks voor mij. Ik heb adhd, deed in die tijd de hele week niks en schoot dan opeens in de stress vlak voor de deadline. Op een gegeven moment dacht ik: ik wil gewoon een baan met structuur waarin iemand zegt wat ik moet doen.’ Ze kwam terecht in de consultancy bij McKinsey, zat daar redelijk op haar plek, maar werkte te hard en kreeg een burn-out. ‘Ik ging niet goed om met mijn eigen grenzen en emoties’, kijkt Brankele terug. ‘Ik werkte 70 uur per week en trainde daarnaast voor een triatlon.’ Lachend: ‘Ik was opgevoed met het idee dat je alles kunt bereiken, als je er maar hard genoeg voor werkt. Nou niet dus, want ik liep keihard tegen een muur aan.’
Minder werken
Na 1,5 tot 2 jaar worstelen met een burn-out, knapt ze op en wordt hoofd educatie in het managementteam van Artis. ‘Wat ik goed heb gedaan, is dat ik minder ben gaan werken en consequent ben gaan sporten. Wat ik nog niet goed deed, was mijn emoties erkennen. Ik keek er vooral cognitief naar. Kon het prima benoemen en wegredeneren, maar niet vóelen. Ik had een ingewikkelde relatie met mijn baas, die nogal een andere managementstijl hanteerde dan ikzelf. Dit is me niet in de koude kleren gaan zitten, vooral ook omdat ik het niet uitte.’
Toen Brankele besloot een boek te gaan schrijven over haar eigen burn-out, en dat deed naast haar werk, kreeg ze symptomen die haar bekend voorkwamen. ‘De huisarts testte mijn bloed, vond niks en zei: “Je bent helemaal gezond”. Maar ik wist wel beter.’